Haven Oostende nam de strategische beslissing om zich, bovenop de bestaande lijnen en klanten, volop te richten op de hernieuwbare energiesector. Daarvoor werd vandaag Renewable Energy Base Oostende (Rebo) nv boven de doopvont gehouden.
In Noordwest Europa staat momenteel een aantal grote projecten op stapel, vooral in offshore windenergie. België en zijn Vlaamse kust liggen ideaal voor het bedienen van dergelijke projecten. Oostende zal zich daarom ontpoppen tot een gespecialiseerde hub voor de sector van de hernieuwbare energie op zee.
De recente ontwikkelingen in de markt van de hernieuwbare energie tonen immers duidelijk aan dat er nood is aan degelijke en aangepaste infrastructuur. Binnen een straal van 200 kilometer zal Rebo als enige terminal beschikken over zwaarlastkaaien. Door in te spelen op die nieuwe markt werkt Oostende aan de verdere uitbouw van haar activiteiten en aan de groei van hoogwaardige jobs.
Om de Haven van Oostende te heroriënteren naar een ‘Energy Port’ moet de beschikbare ruimte worden gemaximaliseerd en zijn er investeringen nodig om haar troeven optimaal uit te spelen.
Zo zal in de voorhaven, in een eerste fase en naast het bestaande terrein van C-Power, een extra ruimte van zo’n tien hectaren worden aangepast. Die kan dienen als offshore hub en is gelegen aan het Zeewezendok. De aanpassingen behelzen het construeren van twee zwaarlastkaaien met een draagkracht van 10T/m² en een lengte van respectievelijk 200 en 50 meter. Ook moeten er grondverbeteringen plaatsvinden om zware lasten te kunnen stockeren.
Rebo nv heeft een belangrijke financiële steunpilaar gevonden in ParticipatieMaatschappij Vlaanderen (PMV). Samen met het AG Haven Oostende vertegenwoordigt PMV de meerderheid in Rebo. Voor PMV is deze investering een belangrijke ondersteuning van de sector van de duurzame ontwikkeling . Zij zal bovendien bijkomende werkgelegenheid creëren. De andere partijen in Rebo zijn Offshore Wind Assistance nv, Deme Blue Energy nv en de Artes-groep nv.
In 2011 zal Rebo instaan voor de investeringswerken. Vanaf 2012 kan de commercialisering van het nieuw uitgeruste terrein beginnen. Een eerste klant is al in het vizier. Ook met andere potentiële klanten lopen er gesprekken.
Het gebruik van de nieuwe infrastructuur zal grotendeels tijdelijk zijn, met name tijdens de constructiefase van de offshore-parken. Dat mag echter niet beletten dat ook andere spelers gebruik kunnen maken van deze zware infrastructuur. Bovendien staat zij ter beschikking voor het onderhoud van de offshore-windmolens, dat met de jaren belangrijker zal worden.
